Auteur Ellen Mannens
Verhaal

HELP de toeristen komen.

De tijd dat Rotterdam van ‘ons’ Rotterdammers was, is voorbij. De rest van de wereld lijkt ook verliefd te worden op onze ooit onbegrepen stad. Hoe blij worden we van de nieuwe interesse? Een rondje Rotterdam op een zonnige zaterdagmiddag brengt het antwoord. 

Kippenvel krijgt hij als hij over de Witte de With loopt. “Al die mensen en al die terrassen vol, dan ben ik echt trots op mijn stad.” Fred, generatie babyboom en geboren en getogen Crooswijker, zit met zijn vrouw Wil – “geboren op de Rechter Rottekade” – op het terras van Melief Bender aan de Oude Binnenweg. Even bijkomen na een rondje stad. Vanochtend pakten ze de metro vanuit Prinsenland. Tien minuutjes en dan staan ze midden in de bedrijvigheid van de stad. “We zijn net naar die nieuwe tent van Gordon geweest”, zegt Wil. “Die man is echt wel slim hoor. Je kijkt zo over de Coolsingel uit en die wordt straks alleen maar mooier. Daar kunnen wat mij betreft niet genoeg restaurantjes en cafés zitten.”

 

Ze is van 1950, maakte de hele wederopbouw van dichtbij mee en dat maakt haar extra trots op haar stad. Een trots die een tafel verder wordt gedeeld. Daar zitten nog twee ras-Rotterdammers: “Oké, we wonen nu wel in Rhoon.” Ze zijn één generatie jonger. De twee stellen raakten net spontaan met elkaar aan de praat. “Dat vind ik zo leuk aan zulke cafés”, zegt Jolanda. “Dat knusse van vroeger, zoals je dat hier in de straat hebt, kun je niet meer zo terugvinden in de stad”, zegt haar man Claus. “Dan moet je zoeken”, zegt zijn vrouw ad rem. “Ja, je hebt ze wel, op de Kaap en hier op de Binnenweg.” “Maar het wordt allemaal wel zakelijker in de horeca in Rotterdam”, moet zijn vrouw toegeven.

“Nu moeten we gewoon de modernste stad van het land worden. ”

Student

Onbegrepen

De tijd van Rotterdam als onbegrepen, half opgebouwde stad lijkt voorbij. “Nu moeten we gewoon de modernste stad van het land worden”, vindt een lid van de studentenhardloopvereniging die net met zijn clubgenoten heeft afgesproken op het Stationsplein. Ze zijn niet de enigen die hier hun rondje Rotterdam starten. De fietsparkeergarage spuugt toeristen op leenfietsen uit. Terwijl de ene groep uitgelegd krijgt wat er in 1940 gebeurde waardoor de stad nu zo modern is, maakt een andere groep zijn eerste onwennige meters op de fiets.

 

“Het zou wel mooi zijn als we toeristen en normale Rotterdammers een beetje gescheiden kunnen houden”, merkt één van de studentenhardlopers op. “Dat gebeurt eigenlijk al. De toeristen zitten in de Markthal, de gewone Rotterdammer loopt buiten op de markt.” Het is zelfs voor deze twintigers wennen, zo’n stad die bijna af is. “Kunnen we niet weer wat platgooien? Ik wil wel wat gebouwen nomineren.”

Rotstad

“Ik vind het nog steeds een rotstad”, zegt Tim een paar meter verderop op het Kruisplein. Hij komt uit Amersfoort en het is dat er vandaag een skate-competitie op de straten van Rotterdam aan de gang is, anders was hij hier niet geweest. “Rotterdam is denk ik wel skatehoofdstad van Nederland door die moderne architectuur. Maar toch. Deze stad mist charme, omdat het zo weinig historie heeft.”

 

Hij lijkt vandaag redelijk alleen te staan in zijn oordeel. Rotterdam is in trek. Zelfs met het blote oog zijn de signalen al te zien. De Hop-On Hop-Off bus heeft een Rotterdamse uitvoering gekregen, groepjes dagjesmensen proberen zich staande te houden op kangoo jumps of segways, het aantal gidstochten, al dan niet met thema, is geëxplodeerd, maar de grootste explosie lijkt deze zaterdag het aantal vrijgezellenfeesten.  Voornamelijk vriendinnengroepen slenteren door de stad, te herkennen aan plastic tiara’s met tekst ‘Bride to be’ en bijpassende minisluier. Waarom hier een vrijgezellenfeest vieren? “We komen hier bijna allemaal vandaan”, is het logische antwoord van de toekomstige bruid die met haar groepje het Binnenwegplein oversteekt. “Waarom zou je weggaan als je hier alles in je stad hebt? We hebben net een escape room gedaan, maar wat er hierna komt weet ik nog niet.” “We gaan zo paaldansen”, fluistert de organisator van het vrijgezellenfeest ons toe als de toekomstige bruid buiten gehoorafstand is.

Té bruisend

Van stad die vooral geliefd was bij zijn eigen inwoners, veranderde Rotterdam in een stad waar een buitenstaander zich ook durft te wagen. Wordt het daardoor té bruisend? Van Fred mag het nog wel gekker. “Weet je wat mijn andere favoriete stad is?”, zegt hij op het terras van Melief Bender. Op zijn mobieltje laat hij een filmpje zien dat hij eerder maakte in New York. Het lawaai van het verkeer wordt nog eens overstemd door drie brandweerwagens met luide sirenes. Freds ogen beginnen te twinkelen. Dat is toch mooi? Claus is niet onder de indruk. “Dan vind ik Rotterdam mooier, maar als we dan een andere stad moeten kiezen, dan ga ik voor Gent. Leuke kroegjes en lange tafels, waardoor je vanzelf met andere mensen aan de praat raakt. Dat is mooi.”

 

Fotografie: Chris Bonis