Spoken word

Derek Otte over Rotterdam

Wat een weelde, door de wildernis en dat nog op een bank wel. Waar ik ‘m deelde, zonder hindernis; zo vormde ik een bankstel. De helft van een duo, wil u ook een stukje mee? Over later praten, het ‘nu’ is altijd al passé.

1.

“De waarheid ligt op straat, het gebeurt allemaal hier. De waarheid ligt op straat, de werkelijkheid is papier: regels, regels, regels, die oplossing brengt problemen. Zijn we bang het LOS te laten LOPEN, blijven we VAST ZITTEN in systemen.” Dit is de tijd van jonge makers, die moeten we ruimte geven. Faciliteren boven controleren, voor artiesten en ondernemers. Zij moeten niet tegengewerkt maar juist vooruit geholpen worden. Oók als het de vraag is of ze beantwoorden aan wat ‘kwaliteit’ is, volgens de gevestigde orde.” Dat gaat niet van vandaag op morgen, maar we hebben nog wel even. Over 20 jaar is dat naar ik mag hopen toch wel beter.”

2.

“Yo, die bank kan rijden”, klinkt een jongeman z’n reflex. Aangevuld met de woorden: “Ja man, kaolo flex.” Hij ziet de stad veranderen, overwegend positief. Maar hij ziet ook verdeling en dat bevalt ‘m niet: “Je merkt gewoon dat heel veel mensen angstig zijn van binnen. Dat ze dan niet ‘s avonds laat in de tram naast me durven zitten. Als er weer eens iets gebeurd met een aanslag hier of daar, krijg je op je werk ofzo weer vragen. En da’s raar. Raar omdat ik denk van: wat heb ik ermee te maken? Raar met een -k op het einde, omdat woorden kunnen raken. Ik hoop op meer verbinding, wederzijds begrip. Dat we allemaal integreren, niet alleen jij of ik. Ieder verhaal heeft meerdere kanten toch? Ja toch, minstens twee. Dan is verbetering nooit eenzijdig; help dan van beide zijden mee.”

3.

“Kijk, sommige mensen zijn kansarm, kun je zeggen dit of dat. Maar die vallen buiten de boot, dat hoort bij een grote stad. Ik bedoel het niet zo hard hoor, je mag het allemaal niet zeggen. Maar niet iedereen kan welkom zijn, daar heb je je bij neer te leggen.” Ik vraag deze meneer naar wat hij dan had gedaan, als hij aan de andere kant van zijn verhaal zou staan. Geen antwoord. Daar komt een dame aangelopen.

4.

“Ik ben hier geboren, in een hele andere tijd. En altijd als ik er loop, ben ik de weg een beetje kwijt. Nou ligt dat aan mij hoor: oud en half kreupel bovendien maar het zou wel fijn als de ouderen werden gezien. De gebouwen zijn net de mensen; zó uiteenlopend, dat spreek(t) mij aan. En de waterkant is mooi hè, maar daar wordt te weinig mee gedaan.” Willekeurige mensen, vier als oogst van de dag. En de vijfde ben ik zelf, als dat van u mag.

Mag dat?

5.

“Onze stad kan buigen, bukken of barsten en onze stad kan breken. Maar de mensen die er wonen blijven maken, geven, spreken. We vinden van alles over hoe vooruitgang te boeken. En vinden is makkelijk en dikke prima; als we vooraf willen zoeken.

 

Een stad in tweeën, op vele fronten, vele mensen aan de kant. Maar houden we het gesprek in leven, blijf ik geloven want: op praten en ook luisteren, zal DOEN altijd volgen. Als wij doen in het klein, zal een grotere morgen volgen. In m’n eentje bereik ik weinig en daar doe ik nog minder aan. Klinkt wellicht wat ZWAK maar ik weet hoe STERK we SAMEN staan.

 

Zo veel mensen, mochten we spreken en lang niet allemaal… Maar we hebben erg ons best gedaan en hun gevoel vertaald. Trots ben ik op Rotterdam, al die mensen met een eigen stem. Blij ben ik met BNice, met Bjorn Romy en met M.. Blij ben ik Mariana en met Elten op de bank. Aan iedere Stadsdichter deze week, betuig ik grote dank.

 

En u, bedankt voor het luisteren, dat telt misschien nog wel het meest. Laten we de inspiratie omzetten in daden, opdat ‘het Gesprek’ in 2037 ook echt duurzaam blijkt te zijn geweest.

Van 7 tot en met 13 april vond het Gesprek met de Stad LIVE plaats. Elke dag in een ander deel van de stad, elke dag met een andere spoken word artiest als gast en elke dag op rijm. Gesprek met de Stad LIVE werd afgesloten met een Spoken Word Battle in L2.